Noren en alcohol. Ze hebben er een haat/liefde verhouding mee. Er is veel geschiedenis over de Noren en hun alcohol te vinden op internet dus dat ga ik niet copy/pasten. Ik schrijf mijn eigen ervaringen. Die kloppen formeel misschien niet maar dit is een Blog, geen CBS rapport.
Mijn vrouw en ik ‘runden’ op dag één in Noorwegen een kleine horecagelegenheid, vanuit het niets. Ik bedoel, we hadden werkelijk geen enkele ervaring op dit gebied dus dat was een uitdaging. Vanaf de eerste dag kwam zo de praktijk met betrekking tot alcohol en Noren voor onze voeten. Ik schrijf later nog een apart blog over deze periode.
De verkoop van alcohol is aan allerlei strenge regels gebonden die de afgelopen jaren iets minder streng zijn geworden. Zo mogen supermarkten ook bier verkopen tot 20.00 uur ’s avonds, al zijn ze open tot 23.00 uur. Het bier heeft een alcoholpercentage van maximaal 4,7% (In Nederland gemiddeld 5,5%) waardoor het bier zijn ‘bite’ verliest en meer waterig smaakt. Ik pak daarom ook maar het goedkoopste merk in de supermarkt omdat er bijna geen smaakverschil is met een willekeurig ander merk. Het goedkoopste merk van een halve liter kost ongeveer 33 kronen wat ongeveer staat voor 3,5 Euro. Voor drank zoals wijn of meer sterkere drank gaat men naar de Vinmonopolet, een staatswinkel. De staat heeft het monopolie op drank.
Al snel had ik door dat de Noren gek zijn op drank, ondanks of misschien wel juist door het ontmoedigingsbeleid van de overheid. Ik vertelde eens op mijn werk dat iedere dag als ik van mijn werk thuis kwam, ik een glaasje rode wijn dronk voor het eten. Verbazing alom en het werd ook direct doorgesproken met andere collega’s. Ik wist dat dit ging komen dus ik kon in alle rust genieten van de verwarring. Door de weeks drinken is ‘not done’ in de ogen van de goede Noor, alleen alcoholisten drinken op weekdagen. Nu moet ik bekennen dat ik door de weeks ook wel eens twee glaasjes rode wijn drink. Als de medische wereld een glas rode wijn per dag voorschrijft omdat dit zo gezond is, zijn twee glaasjes nog gezonder natuurlijk. Alles voor een goed lichaam. Het verschil met de Noren is dat ik in het weekend, buiten een feestje, ook gemiddeld twee drankjes tot mij neem. Noren laten zich vrijdagavond en zaterdag helemaal vol lopen met alles waar maar iets van alcohol in zit. Als ik Noren op bezoek krijg berg ik de huishoudspiritus altijd goed op. Dat bespaart weer een vluchtje met de traumahelicopter en houdt de Noorse medische kosten in de hand.
De eerste dronken Noren die ik ontmoette kwamen met een vissersboot aan op het eiland waar wij woonden. Ze waren nog met de trossen bezig toen we een grote plons hoorden. Een dronken vrouw was alvast van boord gegaan in de veronderstelling dat de boot al tegen de wal lag. Mijn vrouw en ik naar buiten, in vliegende vaart, al schoenen aantrekkend, met een reddingsboei met lijn, naar de vissersboot om erachter te komen dat de mannen de vrouw reeds terug in de boot hadden getrokken. ‘Huebben juuli nogh bbierh…’ vroeg één van de heren. ‘Misschien wil mevrouw even onder de warme douche in plaats van bier’ zei ik waarop de trossen los werden gemaakt en de vissers verdwenen. (had later nog wat probleempjes met deze mannen maar heel veel later is het helemaal goed gekomen tussen ons).
Als ik alcohol koop in de staatswinkel hoop ik altijd dat er toevallig ook een kennis aan het winkelen is. Zelfs in de alcoholwinkel gaat de Noor namelijk verklaren waarom hij daar met een fles rum in z’n hand staat. ‘Uhh ja, ik heb zaterdag wat bezoek dus ik dacht uhh..’ Echt waar. Voor mijn part drinkt hij hem buiten de winkel in z’n auto al helemaal leeg, zolang hij het glas maar zachtjes in de glascontainer deponeert toch? Het is een automatisme bij Noren, verklaren waarom ze alcohol drinken. Jezelf verantwoorden. Een biertje op een verjaardagsfeestje waar kinderen rondlopen? Vergeet het maar. Iedereen aan de cola (alsof cola meer gezond is voor je lichaam). In het begin wist ik dit niet dus als ik in een dergelijke situatie terecht kwam en de gastheer vroeg wat ik wilde drinken riep ik gewoon luidkeeld ‘DOE MIJ MAAR EEN BIERTJE VRIEND’ tot groot vermaak van sommige aanwezigen. Nu weet ik mij aan te passen, maar cola blijft vies.