In dit blog wil ik het hebben over mijn positieve ervaringen in de omgang met Noren in het algemeen en hun specifieke gewoonten in het bijzonder. Ik herhaal in dit stuk waarschijnlijk veel wat anderen al veel eerder hebben opgeschreven maar het blijft toch iedere keer weer bijzonder dat twee soorten volk, Nederlanders en Noren, zoveel overeenkomsten hebben en toch in detail afwijken. Leuk om rekening mee te houden als je hier op vakantie gaat en Noren treft.
Ik moet hierbij aantekenen dat ik vanaf 2013 in een buitengebied woon, zo’n twee uur rijden van Trondheim, pal aan de kust. Niet te vergelijken met het stadse leven zoals in Trondheim of Oslo. Het is hier, ‘redneck area’. Boerenland, een klein kaal dorp waar helemaal niets te beleven is behalve de jaarlijkse nationale feestdag op de 17e mei met vlaggen, optochten en vrouwen in mooie jurken. Buiten die ene dag vervelen zelfs de koeien zich hier. Iedereen heeft een geweer. Iedereen? Ja, iedereen! En iedereen loopt elke dag van de week in dezelfde joggingbroek en een sweater met capuchon. Ja, ik ook. Ik heb drie colberts in de kast hangen, prijzige spijkerbroeken, een pak en twee paar Italiaanse lederen stappers maar ik trek het nooit aan. De mensen geven hier niets om uiterlijk vertoon, alleen om gemak. En gelijk hebben ze. Noren hebben de naam wat ingetogen te zijn en hier in dit dorp en binnen het bedrijf waar ik werkte kon ik dat goed merken. In grote steden verwacht ik dat mensen sneller toegankelijk zijn maar die ervaring heb ik nog niet opgedaan.
Iets wat ik in het begin vreemd vond maar nu heel normaal, is dat, als je als gast ergens binnenkomt, je voor de deur je schoenen achterlaat. Als het fris is krijg je van de gastheer of vrouw een paar wollen sokken of pantoffels uitgereikt en dan mag je naar binnen. Ik weet niet beter meer en loop zelf ook nooit meer met mijn schoenen door mijn eigen huis. Goed voor je voeten en beter voor je vloer. Begroeten gaat de eerste keer met een hand geven. Als je elkaar goed kent geeft men elkaar de bekende ‘Hug’, welke uit Amerika is komen overwaaien. Hierbij zoenen uitdelen is niet de bedoeling en je spreekt daarbij de zin ‘Takk for sist!’ uit, wat zoveel betekent als ‘bedankt voor laatst’. Iedere keer dat je de ander begroet. Echt waar. Roken binnen is ook net als in Nederland ‘not done’ en, als het de bedoeling is dat je blijft dineren, neem je minimaal een fles wijn mee. Die is niet bedoeld als cadeau maar om gezamenlijk op te drinken, bij het eten bijvoorbeeld. Na deze fles trekt de gastheer nog een flesje uit eigen voorraad open en zo zijn de kosten mooi verdeeld. Let wel, de drank is duur in Noorwegen dus men heeft daar een praktische oplossing voor gevonden. Wanneer je elkaar goed kent en ontmoetingen vaker uitmonden in ‘drinken’ neemt de bezoeker uit eigen voorraad wijn, bier of sterkere drank mee. Bezoek wat wij ontvangen heeft dus vaak eigen alcohol bij zich. Wen eraan, het is gebruik.
Dan moet ik het nu over het eten hebben, ik ontkom er niet aan. Je kunt voor van alles naar dit land willen. Voor de natuur, voor de mensen, voor het vissen. Maar niet voor de Noorse keuken. Ik hoop dat Noren die ik ken dit blog nooit onder ogen krijgen via Google translate want het is een geweldig volk en ik zou ze enorm beledigen. Bent u Noor, spreekt u ook Nederlands en u kent mij persoonlijk?, lees niet verder alstublieft. In naam van onze vriendschap. De traditionele maaltijden en het fastfood. Noren zijn gek op hun traditionele maaltijden en die kun je weer onderverdelen in enorm traditioneel en gewoon avondeten. De traditionele maaltijden bestaan sowieso uit voedsel wat eigenlijk allang weggegooid had moeten worden. Neem nu de befaamde ‘Lutefisk’. Dit is prima vis die men in loog legt om de smaak te verpesten om daarna op te dienen met gekookte aardappelen. Of ‘Rakfisk’, vis die soms een jaar heeft liggen gisten. Rakfisk wordt gegeten met zure room en je kan er botulisme van krijgen. Of ‘Smalahove’, een hoofd van een schaap. Op tafel. Lekker met koolraap.
De normale gewone maaltijden zijn…saai en een beetje zoals de traditionele maaltijden in Nederland, vlees, aardappelen en groente. Het vervelende is dat men de gewoonte heeft om alles te koken in plaats van te bakken. Een in potentie lekker visje verandert zo in een witte zachte prut en om alles te verdoezelen, laat men het visje zwemmen in witte room, zonder smaak. Ik denk dat dit de reden is dat het niet gebruikelijk is om ‘eet smakelijk’ te zeggen voor het eten. Je zou immers liegen. De normale maaltijden zijn niet mijn ding maar ze zijn beslist niet ongezond. De jeugd is niet meer te porren voor het normale eten. Net zoals in Nederland is de jeugd overgegaan op fastfood en cola. Dat is zorgelijk maar er is weinig aan te doen. De supermarkten liggen vol met troep en het is snel en goedkoop. Op het bedrijf waar ik werkte kochten de jongeren tussen de middag een halfje brood, besmeerden dat met mayonaise of ander vloeibaars uit een tube en spoelden het door met cola. Mijn totale cijfer voor Noorwegen zou een tien kunnen zijn als ze andere eetgewoonten hadden. Ik ga in ieder geval aan Noors eten nooit wennen.
Omdat het land enorm groot is, veel mensen buiten de stad wonen en er weinig tot geen openbaar vervoer rijdt, is het niet ongebruikelijk dat gasten blijven slapen als ze alcohol hebben gebruikt. Met een slok op autorijden wordt niet gewaardeerd en je bent hier niet alleen snel je rijbewijs kwijt, maar je verdwijnt ook iets vlotter dan in Nederland achter de tralies. Iedereen kent hier voorbeelden. Veel mensen hebben een groot huis, vaak nog met een bijgebouw en een appartement onder hun huis. Dat appartement wordt meestal verhuurd om de hypotheek te kunnen betalen. Wat wonen betreft doen Noren het tegenovergestelde van wat ik had verwacht. Ze gaan boven op elkaars lip wonen en zich dan aan elkaar ergeren zoals ‘wij’ in Nederland doen. Wat vreemd is omdat het land tien keer groter is dan Nederland en er maar vijf miljoen mensen wonen. Er zijn dus honderden wijkjes vrijstaande woningen met een onderlinge tussenruimte van een paar meter en de rest van het land is LEEG!
Ik heb eerder al geschreven dat iedereen een geweer heeft en dat is misschien niet helemaal waar, maar veel mensen die ik ken hebben wel meer dan één geweer. Jagen zit sowieso in de man. Van nature in het DNA gebakken. Een aantal keren per jaar gaan ze op jacht. Alleen of met een groep. Heel normaal hier en als ik vertel dat ik er zelf moeite mee zou hebben om een hert te schieten wordt er geglimlacht. Die Nederlander. Haha. Gaat straks in de supermarkt een stuk koe kopen die door een ander is geslacht. En ze hebben gelijk. Ik weet het. Ik vind er ook niets van. Van jagen.